Wil je Rumana jouw stem en gezicht lenen om haar verhaal te vertellen? Via een filmpje kan dat! Op deze pagina kun je lezen hoe jij kunt deelnemen aan deze actie. Kies een zin uit de lijst hieronder en spreek deze als videoboodschap op YouTube in. Uiteindelijk zullen we met zijn allen het verhaal van de kledingarbeider in Bangladesh in een korte film hebben verteld.
Geef Rumana een stem en kom op voor de kledingarbeiders in Bangladesh!
STAP 1:
Kies één van de onderstaande zinnen uit.
STAP 2:
Ga naar deze pagina op YouTube.
STAP 3:
Log in.
STAP 4:
Klik op ‘Ready to Record’ en spreek de zin in.
STAP 5:
Kies je beste video en upload deze.
Kies uit de lijst hieronder een zin om in te spreken:
FILM 1: IK BEN RUMANA
- Ik ben Rumana. Ik ben 23 jaar en de trotse moeder van een prachtige 5-jarige dochter. Sinds mijn dertiende werk ik in een kledingfabriek.
- We huren een kamer in Dhaka, de hoofdstad van Bangladesh. Daar werk ik ook.
- Ik ben geboren in de sloppenwijken van Dhaka. Mijn moeder ontvluchtte de armoede van het platteland toen ze zeven maanden zwanger was.
- Ze was net verlaten door mijn vader en kon nauwelijks aan eten komen. In Dhaka wist ze een baan te vinden in een kledingfabriek.
- Vijf jaar geleden overleed ze. Onze familie kreeg het erg zwaar. Om aan eten te komen, besloot ik te stoppen met school en in een kledingfabriek te gaan werken.
- In 2003 werd ik verliefd op een collega. We trouwden en ik raakte zwanger. Maar mijn huwelijk maakte me niet gelukkig: slechts vijf dagen nadat mijn dochtertje geboren werd, verliet mijn man me.
- Hierna ben ik weer op zoek gegaan naar een andere fabriek, eentje met kinderopvang voor mijn kind. Toen zij ongeveer 9 maanden oud was vond ik zo’n fabriek. Hier werk ik nog steeds, als naaister.
- Hertrouwen hoeft voor mij niet. Ik vind het belangrijker om te investeren in de opleiding van mijn dochter, zodat zij later niet ook in een kledingfabriek hoeft te werken.
- Mijn dochter gaat nu naar een religieuze school; hier is het onderwijs gratis en kan ze ook naar naschoolse opvang.
- Ondanks de armoede en andere ellende, proberen we te blijven lachen. We hebben vaak honger, maar we moeten verder. Mijn grootste droom is dat mijn dochter een beter leven krijgt dan ik.
FILM 2: HET DAGELIJKS LEVEN VAN RUMANA
- Ik sta elke dag op voordat het licht wordt. Dan ga ik naar de badkamer. Er zijn drie WC’s en twee badkamers voor zeventien families. Jezelf wassen is erg lastig.
- Ik douche elke twee dagen. Er is ernstig watertekort. Als er water is, sla ik het op om later te kunnen koken en drinken. Daarna ga ik rijst koken.
- Terwijl de rijst kookt, bid ik. Ik slaap nog eventjes. Om half acht sta ik echt op. Het kost me half uur om bij de fabriek te komen.
- Ik ben altijd zo moe omdat ik altijd bezig ben met werken, koken, het huishouden en voor mijn dochter zorgen. Ik moet lange dagen werken omdat ik arm ben.
- Soms eet ik twee of drie dagen geen echte maaltijd. Slaap is een luxe. Ik ben gek op slapen. Soms slaap ik ook op mijn werkplek.
- We kunnen het ons niet voorstellen elke maand vis, vlees of kip te kunnen kopen. Zelfs als we er wanhopig naar verlangen, kunnen we misschien maar eens per maand de moed opbrengen om een heel klein stukje te kopen.
- We eten spinazie, en wat groentes. Aardappelen zijn niet te betalen; de prijs is torenhoog. Zelfs het kopen van sommige groentes is afhankelijk van of ik er geld voor heb.
- Het leven gaat door. Het is voor ons vanzelfsprekend dat we soms naar bed gaan zonder avondeten te hebben gehad.
- Ik wil heel graag op mezelf wonen. Maar ik wil niet nog een keer trouwen. Ik geloof dat liefde en huwelijk gevaarlijk is en vaak schadelijk. De juiste persoon vinden is niet altijd makkelijk.
- Ik hou van Hindoestaanse soap en series. Ik heb geen televisie. Mijn buurman, een lieve, oude man, laat me vanuit mijn eigen kamer naar zijn tv kijken. Mijn kamer is recht tegenover zijn kamer.
- Mijn droom is om naar het buitenland te gaan om meer geld te verdienen. Ik wil daarheen als kledingarbeider.
FILM 3: DE OMSTANDIGHEDEN IN DE FABRIEK
- De omstandigheden in de fabriek zijn verschrikkelijk. Ik moet in de rij voor water als ik dorst heb.
- De toiletten zijn nog het ergst. Er zijn maar 15 WC’s voor 8000 of 9000 arbeiders. Van de WC’s word je misselijk.
- Soms is er watertekort, en dan zijn de WC’s helemaal walgelijk. Ik probeer ze zo weinig mogelijk te gebruiken.
- Ik werk de hele dag. Vaak werk ik zelfs tot tien uur ’s avonds. Wanneer ik ‘s avonds mijn dochter op ga halen, zie ik een glimp van hoop in haar ogen. Ze rent naar me toe.
- Er is een pauze van een uur. Ik eet snel mijn lunch op. Slapen is mijn pauze. Ik val in slaap voor mijn naaimachine.
- Uren achterelkaar achter de naaimachines werken zorgt voor pijn in je lichaam en benen.
FILM 4: HET LOON VAN EEN KLEDINGARBEIDER
- Ik heb deze maand 3800 taka verdiend, inclusief 43 overuren. Volgens mij zijn de overuren niet goed bijgehouden.
- Ik heb minimaal 6500 taka nodig voor een eenvoudig leven. Als ik dit loon aangeboden zou krijgen, zou ik een gat in de lucht springen.
- Ik zou meteen naar de markt gaan. Ik zou voor een maand eten kopen. Ik zou zorgen voor beter onderwijs voor mijn dochter. Ik zou natuurlijk oorbellen kopen.
- Ik zou mijn dochter ontzettend verwennen. Ik zou haar een goed ontbijt geven. Ik zou haar gelukkig maken. Ik zou er ook over denken wat geld te sparen voor de toekomst!
- Het is moeilijk om een behoorlijke maaltijd te eten. Ik moet geld sparen voor mijn dochter. Ik heb 1250 taka nodig voor haar schoolgeld. Ik ben gek op mijn dochter. Ze is zo lief. Maar ik kan haar niet geven wat ze wil. Daar ben ik te arm voor.
- Tegenwoordig kan ik op de een of andere manier overleven op een dieet van droge rijst, aardappelen en linzen. Er komen nog meer moeilijke dagen aan voor me.
- Ik heb niemand in de buurt die me kan helpen of ondersteunen. Ik ben alleen. De prijzen van alles, alle basisproducten, gaan omhoog. Als dit zo door blijft gaan, zal ik doodgaan.”