Biografie Bangladesh mijn foto's

Samenvatting Rumana’s Sweatsoap

Van de Schone Kleren Campagne:
In het half jaar (van 2 september 2009 tot 1 maart 2010) dat Rumana hier een digitale dagboek heeft bijgehouden is er heel wat gebeurd. Alle blogposts zijn onder Mijn leven nog helemaal te lezen, maar hieronder vind je ook een samenvatting van haar hele verhaal. Van de eerdere maanden van haar blog is ook een apart overzicht: van 2 september tot en met 15 oktober, en van 16 oktober tot en met 8 december.

Ik sta elke dag op voordat het licht wordt. Ik ga meestal met de bus naar mijn werk. Er zijn lang niet genoeg bussen. Overeind proberen te blijven in de bus is een verschrikkelijke ervaring. Bijna elke dag ben ik te laat op mijn werk, omdat ik eerst mijn dochter naar school moet brengen en deze vaak pas laat open gaat. Hierover heb ik steeds weer ruzie met de supervisor.

De omstandigheden in de fabriek zijn verschrikkelijk. Er zijn maar 15 wc’s voor 8000 of 9000 arbeiders, en ze zijn misselijkmakend. Soms is er watertekort, en dan zijn de wc’s helemaal walgelijk. Er is een pauze van een uur. Mijn pauze betekent slapen. Ik werk de hele dag, vaak zelfs tot tien uur ’s avonds. Dan kom ik om 11 uur thuis. Mijn dochter wacht vol smart op me. Ik maak het eten klaar en ga rond half een ’s nachts naar bed. Vaak werken we ook op vrijdag (vrijdag is normaal gesproken een vrije dag in Bangladesh, red.). Soms maak ik wel 152 overuren in één maand. Ik weet nooit zeker of ik mijn overuren betaald krijg. De supervisors zoeken naar redenen om me niet te betalen.

Als er belangrijke inkopers op bezoek komen, neemt het management allemaal nep- veiligheidsmaatregelen. Op de snij-afdeling dragen arbeiders dan handschoenen, terwijl ze dat normaal gesproken niet doen. De inkopers denken dat we na 19.00 uur niet meer werken. Wij vertellen leugens. Soms denken we dat we de inkoper de waarheid moeten vertellen. Het management zegt dat als je de inkopers de waarheid vertelt, de fabriek gesloten zal worden en alle arbeiders hun baan zullen verliezen.

De supervisor gaf me laatst een uitbrander. Een paar broeken moesten aangepast worden. Maar het was mijn schuld helemaal niet. De supervisor zei: “Ik schop je eruit. Ik sla je in elkaar.” Eigenlijk hoor je je niet te verzetten tegen de supervisor, maar ik doe dat wel. Als ik er niks van zeg, heb ik letterlijk het gevoel dat ik gif inslik. Er is inmiddels een nieuwe supervisor: een vrouw. Zij is ook verschrikkelijk. Ze gedraagt zich alsof ze de enige is in de hele fabriek. Sinds februari dit jaar ben ik op zoek naar ander werk. Ik moest toen op één dag 1015 broeken afmaken. Ik moest zelfs tijdens de lunch werken. Soms krijg ik niet eens tijd om naar de wc te gaan. Veel van mijn vrienden hebben ontslag genomen.

Als een ontwerp ingewikkeld is, zet het fabrieksmanagement meer machines in. Hoe ingewikkeld het ontwerp ook is, ik werk op één machine. De arbeidsintensiteit in de fabriek hangt ervan of het ontwerp complex of simpel is. Waarom mensen ervoor kiezen broeken en shirts te dragen die zo’n ingewikkeld patroon hebben, is me een raadsel.

Doordat ze geld inhouden omdat ik ’s ochtends vaak te laat bij de fabriek kom en de supervisor de overuren niet eerlijk telt, krijg ik elke maand minder loon dan ik zou moeten krijgen. Ik heb minimaal 6500 taka (ongeveer 65 euro, red.) nodig voor een eenvoudig leven. Dat krijg ik nooit. Bijna elke maand leen ik geld van anderen. Het is een vicieuze cirkel. Mijn vijfjarig dochtertje wil graag speelgoed en andere leuke dingen hebben. Maar ik kan dat allemaal gewoon niet betalen… We kunnen het ons niet voorstellen elke maand vis, vlees of kip te kunnen kopen. We eten spinazie, en wat groentes. Soms eet ik twee of drie dagen geen echte maaltijd.

Ik kan de bescheiden dromen van mijn kind, zoals haar meenemen naar de speeltuin, niet vervullen. Het maakt me altijd verdrietig. Ik offer mijn leven voor mijn dochter. Of mijn leven succesvol is, hangt af van haar succes op school, om mijn droom van haar een dokter te maken te vervullen. Mijn droom is om naar het buitenland te gaan om meer geld te verdienen. Ik wil daarheen als kledingarbeider. Nu investeer ik in mijn kind, om haar een opleiding te geven en aan haar toekomst te werken. Dat is mijn doel. Ik zal nooit toestaan dat mijn dochter in een kledingfabriek gaat werken. Mijn dochter mag niet worden zoals ik.

Ik had in september eindelijk een mobieltje. Ik had altijd gedroomd van een mobiel en hij is ook handig voor het maken van foto’s voor mijn Sweatsoap, maar hij is afgepakt door mijn supervisor, die zei dat het verboden is een mobieltje bij je te hebben op het fabrieksterrein. Ze zeiden dat ze hem over drie maanden zouden teruggeven. (Eind december heeft Rumana haar mobieltje inderdaad teruggekregen, waar ze erg blij om was, red.)

In oktober was het Suikerfeest. Ik voelde me ontspannen. Ik keek naar films en tv-shows. Mijn buurman, een lieve, oude man, laat me vanuit mijn eigen kamer naar zijn tv kijken. Hoewel ik niet in een feeststemming was, heb ik een feestmaaltijd gekookt voor mijn dochter en mij. Ik heb een jurk gemaakt voor mijn dochter met de stof die haar school ons heeft geschonken. We maken jurken voor anderen. Onze kinderen hebben zelfs tijdens de feestdagen geen jurk om aan te trekken. Als ik er over nadenk, voel ik me erg slecht. De feestdagen brengen normaal gesproken geen plezier, maar ellende. Het fabrieksmanagement is alleen tevreden als al het werk dat verloren gaat tijdens de feestdagen gecompenseerd wordt in de dagen voorafgaand aan de feestdagen. Daarom moeten we altijd extreem veel werken voordat de feestdagen beginnen.

Dat feest werd in december weer gevolgd door Korbani, het Offerfeest. De kleren die we dragen zijn zo goedkoop. Voordat het festival begint, maken we jurken voor onszelf. Dit zijn echt hele gewone jurken. Op de feestdag zelf zijn we de hele dag thuisgebleven. Mijn dochter wil het bloedvergieten op straat van het slachten van de offerdieren niet zien. Ze heeft nog nooit een echt feestelijk Offerfeest meegemaakt.
We zijn arbeiders. We hebben waardigheid. Veel werkeloze arbeiders in veel delen van het land gaan dood van de honger, zelfs tijdens deze feestdagen. We willen niet bedelen. Ik ga nooit in de rij staan om vlees te krijgen. Als er veel vlees is, eten we maar een beetje. Een paar buren brachten ons een portie. Ik heb het klaargemaakt voor mijn dochter.

Wanneer ik een getrouwde vrouw zie met een man die echt van haar houdt, voel ik me erg verdrietig. Mijn man liet me in de steek. Nu ben ik al een tijd alleen. Ik voel me ontworteld. Mijn moeder en mijn vader zijn dood. Ik denk ook de hele tijd aan een partner. Ik ben gewoon bang om een relatie met een man te hebben. Maar mijn eenzaamheid doet pijn en geeft me een vreemd gevoel over mijn toekomst. Hoe kan ik doorgaan met mijn eenzame leven? Ik denk dat ik aan de oude kant ben om te trouwen. Wanneer ik naar bed ga, rollen de tranen over mijn wangen. Mijn dochter kreeg niet de aanraking en zorg van haar vader. We delen hetzelfde lot. Als ik doodga, wie zal er dan voor mijn dochter zorgen?

Laatst had ik een date met een man die oneerlijk bleek. Daarna werd ik uit mijn huis gezet, alleen omdat die man binnen was geweest. Gelukkig vond ik een nieuw huis. Maar mijn huurkosten werden 300 taka hoger. Later moest ik weer verhuizen. De huur van mijn kamer werd verhoogd naar 1600 taka (ongeveer 16 euro, red.), 100 taka meer dan eerst. Dus verkaste ik naar de aangrenzende kamer in hetzelfde gebouw, een beetje kleiner dan die waar ik eerst woonde.

Ik krijg bijna nooit een kaart of brief.
In heel mijn leven heb ik maar één keer wat gekregen. Maar in januari was ik heel erg blij toen ik allemaal prachtige briefkaarten kreeg (van Nederlanders die haar Sweatsoap volgen, red.). Doe iedereen alsjeblieft de groeten van mij!

Ik wil nu, aan het einde van mijn soap, tegen jullie, mijn vrienden, zeggen dat we langer werken, maar minder betaald krijgen. Als mijn lezers zich hiervoor een beetje inzetten, wordt de buitensporige werkdruk misschien verlaagd. Ik zou ze willen vragen iets te doen voor de Bengaalse kledingarbeiders. Ik denk dat we veel gepraat hebben, nu is het tijd geworden dat we iets doen.
Iedereen bedankt!  Ik wil nu stoppen met mijn verhaal. Jullie luisteren naar ons. Luister alsjeblieft naar de verhalen van andere arbeiders. Help ons een einde aan deze situatie te maken. Ik wil iedereen bedanken die mijn verhalen gelezen heeft. Help de arbeiders een beter leven te krijgen.

1 maart 2010

Jullie moeten stoppen naar ons te luisteren. Jullie zullen nu wel begrijpen hoe moeilijk het leven van de arbeiders is. De fabriekseigenaren worden sterker; wij zijn even arm als eerst. Ik wil jullie vragen door te gaan met het interviewen van andere arbeiders. Ik heb mijn verhalen gedeeld. Ik sleep me door een pijnlijk leven.

Iedereen bedankt!  Ik wil nu stoppen met mijn verhaal. Jullie luisteren naar ons. Luister alsjeblieft naar de verhalen van andere arbeiders. Help ons een einde aan deze situatie te maken. Ik wil iedereen bedanken die mijn verhalen gelezen heeft. Help de arbeiders een beter leven te krijgen.

Van de Schone Kleren Campagne:
Dit was na zes maanden de laatste blogpost van Rumana vanuit Bangladesh. Ook namens de Schone Kleren Campagne veel dank dat jullie haar verhaal wilden volgen. We zullen in de toekomst zeker in contact met haar blijven. Wil je weten hoe het met haar gaat, en de arbeiders helpen een beter leven te krijgen? Geef je dan op voor onze e-maillijst, en je krijgt een paar keer per jaar bericht over onze activiteiten en wat jij kan doen voor schone kleren. Alvast veel dank! Binnenkort vind je op deze website een samenvatting van wat Rumana de afgelopen zes maanden heeft meegemaakt, en ook de afzonderlijke posts zullen beschikbaar blijven. Groet, Marieke – Team Schone Kleren Campagne

22 februari 2010

Ik zeg altijd dat ik deze verhalen vertel met als doel een beter leven voor de arbeiders te krijgen. Ik wil tegen jullie, mijn vrienden, zeggen dat we langer werken, maar minder betaald krijgen. Als mijn lezers zich hiervoor een beetje inzetten, wordt de buitensporige werkdruk misschien verlaagd. Ik heb het goede gevoel dat ik geprobeerd heb er iets aan te doen.

Ik heb mijn collega-arbeiders over dit project verteld. Ze waardeerden ons. Veel arbeiders wilden ook hun verhaal vertellen.

Van de Schone Kleren Campagne:
Rumana heeft eind december na ongeveer drie maanden haar mobieltje terug gekregen. Dit is het standaardbeleid dat het fabrieksmanagement hanteert: iedere arbeider die binnen de fabriek “betrapt” wordt op het bezit van een mobiele telefoon, krijgt hem na drie á vier maanden terug. Rumana is erg blij dat ze hem weer terug heeft. Ze vindt het spannend dat ze hem weer kan gebruiken – aangezien het haar eerste mobieltje is dat ze ooit heeft gehad. (Haar net nieuwe mobieltje werd op 22 september afgepakt: lees het hier).
Mocht je naar aanleiding van dit bericht en Rumana’s verhaal iets willen doen voor haar en haar miljoenen collega’s in de kledingindustrie, kijk dan hier.

11 februari 2010

We moeten nu meer targets halen. We hebben een bestelling van duizenden en duizenden broeken. Ik wil graag een beroep doen op de inkopers: geef niet zoveel werk aan een fabriek waar arbeiders gedwongen worden de last van het overwerk op zich te nemen.

De supervisor is nu een vrouw. Zij is ook verschrikkelijk. Ze gedraagt zich alsof ze de enige is in de hele fabriek. Steeds meer arbeiders worden ziek. Ze worden elke dag gedwongen tot 10 uur ’s avonds te werken. Afgelopen maand heb ik ook meer dan 10 dagen tot 10 uur ’s avonds gewerkt. Ik kom om 11 uur ’s avonds thuis. Dan maak ik het eten klaar en ga rond half een ’s nachts naar bed. Mijn dochter wacht vol smart op me.

Sinds gisteren ben ik op zoek naar ander werk. Ik moest 1015 broeken afmaken. Ik moest zelfs tijdens de lunch werken. Mijn dochter was erg ziek. Ik huilde om mijn dochter. Ze had last van haar keel, koorts en oorpijn. Haar toestand bleef zo’n 10, 12 dagen slecht. Zieke arbeiders krijgen geen verlof. Dit is redelijk normaal in de fabriek.

Als een ontwerp ingewikkeld is, zet het fabrieksmanagement meer machines in. Hoe ingewikkeld het ontwerp ook is, ik werk op één machine. De arbeidsintensiteit in de fabriek hangt ervan of het ontwerp complex of simpel is. Waarom mensen ervoor kiezen broeken en shirts te dragen die zo’n ingewikkeld patroon hebben, is me een raadsel.

28 januari 2010

Vorige maand heb ik twee dagen vlees gegeten, en zes/zeven dagen vis. De laatste tijd denk ik vaak aan de dood. Ik weet niet waarom.

Ik denk ook de hele tijd aan een partner. Ik ben gewoon bang om een relatie met een man te hebben. Maar mijn eenzaamheid doet pijn en geeft me een vreemd gevoel over mijn toekomst. Hoe kan ik doorgaan met mijn eenzame leven? Ik denk dat ik aan de oude kant ben om te trouwen. Wanneer ik naar bed ga, rollen de tranen over mijn wangen. Mijn dochter kreeg niet de aanraking en zorg van haar vader. We delen hetzelfde lot. Als ik doodga, wie zal er dan voor mijn dochter zorgen?

Ik denk aan mijn dochter. Ik denk aan mijn dood. Ik heb veel gedroomd deze maand. De droom was als volgt: ik heb een gouden ketting gemaakt. In mijn fabriek vraagt iedereen hoeveel hij gekost heeft. In een andere droom die ik vele, vele dagen geleden had, sta ik op het punt naar het buitenland te gaan (Rumana’s grootste droom is in het buitenland geld te verdienen voor haar dochter, red.). Maar ik stap weer uit het vliegtuig.

Mijn dochter zegt: “Ik vind het niet leuk om naar Madrassa (religieuze school) te gaan.” Maar ze moet naar school. Hoe kan ik haar kosten betalen?

25 januari 2010

Ik heb niet veel nieuws te vertellen. Het lijkt er soms op dat ik mijn verhalen aan het herhalen ben.

Ik moest weer verhuizen, naar de kamer hiernaast. De huur van mijn kamer werd verhoogd naar 1600 taka (ongeveer 16 euro, red.), 100 taka meer dan eerst. Dus verkaste ik naar de aangrenzende kamer in hetzelfde gebouw, een beetje kleiner dan die waar ik eerst woonde.

Tijdens het Offerfeest ben ik thuisgebleven. Ik had geen zin om op stap te gaan. Mijn dochter ging met andere meisjes naar Fort Lalbagh; ik heb de hele tijd thuis doorgebracht. Ik heb geen vlees klaargemaakt. Ik had geen vlees gekocht. Ik at wat restjes hilsha (vis).

————————–
Van de Schone Kleren Campagne:
Sinds we Rumana begin september 2009 zijn gaan volgen is dit de tweede keer dat ze moet verhuizen. Over de vorige keer lees je hier.

15 januari 2010

Door de feestdagen was de fabriek lang dicht. Zoals gewoonlijk had ik niet de tijd om om me heen te kijken. De laatste maand werd er een klotehoeveelheid werk op mijn schouders gedumpt.
De fabriek was zes dagen gesloten. Toen de fabriek na de lange vakantie weer openging, werkten we elke dag tot tien uur ’s avonds. Er is een tekort aan operators. Daarom ben ik gedwongen ontzettend veel te werken. Vandaag kreeg ik niets eens de tijd om naar de wc te gaan.

In december kreeg ik 5.500 taka (ongeveer 55 euro, red.), inclusief 130 overuren. Ze hebben 10 uur van mijn overuren afgetrokken vanwege de extra dagen verlof die het management ons gegeven had. Het was onvermijdelijk dat ze de fabriek zes dagen moesten sluiten. De arbeiders moesten ervoor opdraaien en de prijs betalen. Zo gaat het altijd.

Veel van mijn vrienden hebben ontslag genomen. Een andere vriendin is teruggegaan naar haar dorp. Ze zal niet terugkomen.

12 januari 2010

Van de Schone Kleren Campagne:
Rumana heeft jullie kaarten ontvangen, en op een paar daarvan gereageerd – zie hieronder. In de vorige post vind je nog meer reacties. Ze is er erg blij mee, veel dank!

Beste Robin,

Niet alleen mijn leven, maar het leven van iedereen moet beter worden. Niet alleen dat van mij… Ik wil dat de situatie van iedereen in mijn land verbetert!

Dankjewel,
Rumana
——————————
Beste Nell,

Erg bedankt dat je aan ons denkt en je voor ons inzet. Ik hoop dat de tijd er komt dat we een beter leven hebben. We willen alleen maar dat arbeiders hun rechten krijgen.

Rumana
——————————
Beste Susan,

Je doet een hoop voor de arbeiders van Bangladesh. Ik hoop het succes van onze strijd te kunnen zien door al jouw inspanningen. Succes door jou en onze gezamenlijke strijd!

Rumana
—————————–
Beste Roel Dalhuisen,

Wij zijn ook aan het wachten. Als succes komt: mooi, goed voor iedereen. Verbetering van de huidige situatie is dringend.

Bedankt,
Rumana
——————————
Beste Moiella,

Als God het wil!! We zijn daarvan in afwachting. Ik ben het helemaal met je eens.

Rumana
——————————-
Beste Marc Stumpel,

Je hebt het geweldig gedaan. Bedankt van mij.

Rumana

7 januari 2010

Ik ben heel erg blij dat ik al deze prachtige briefkaarten heb gekregen. Doe iedereen alsjeblieft de groeten van mij!

Van de Schone Kleren Campagne:
Heel veel dank dat jullie Rumana zulke geweldige post hebben gestuurd. Ze heeft alles gekregen (ze bekijkt ze op de foto hiernaast) en was er enorm blij mee. Iedereen een goed goed 2010 gewenst! Rumana heeft op een paar kaarten gereageerd: zie onder. Later volgt er meer! (en meer foto’s van Rumana die jullie kaarten leest staan hier)

Beste Paul,

Bedankt voor je brief. Ik heb jou nog nooit ontmoet. Ik ben ver weg: ik woon in Bangladesh. Ik was erg blij toen iemand me jouw kaart voorlas. Ik denk dat jij tegelijkertijd erg dichtbij ons staat. Het zou me blij maken als je meer over het leven van ons arbeiders zou lezen, zou proberen het te begrijpen. Hoe wij arbeiders ons brood verdienen, hoe zwaar ons werk is!

Rumana
—————————-

Hé Wyger,

Hartelijk bedankt voor het lezen van mijn verhalen… Mijn verhalen zijn bedoeld om jullie allemaal te bereiken. Doe alle aanwezigen bij het jubileum-event de groeten. Het is heel mooi als je alleen al voor kleine veranderingen kunt zorgen.

Rumana
———————————-

Lieve Marieke,

Ik wil jullie ook graag allemaal de groeten doen. Je bent zo bijzonder. Heel erg bedankt voor alles, en dat je dit mogelijk maakt.

Rumana
————————————

Beste Kees,

Ik zal erg blij zijn als je me meer post stuurt. Ik wil jou in het bijzonder bedanken, aangezien jij geïnspireerd raakte om mij te schrijven toen je las dat ik nog nooit van iemand een brief gekregen had.

Rumana
————————————

Beste Silvia Roukens,

Ik hou erg van mijn leven. Ik neem alle problemen zoals ze zijn en werk hard. Als ik na een hele dag werken thuiskom en het gezicht van mijn dochter zie, vergeet ik alles en krijg ik weer de kracht om alle pijn te verdragen – voor mijn dochter.

Rumana
————————

Ton,

Als ik het goed begrijp, is de vrouw aan het strijden, overwint ze! Ik deed mijn best het te snappen. Bedankt dat je aan ons denkt… Het is erg symbolisch!

Rumana
————————-

Beste Mariye,

Bedankt dat je me een mooie kaart hebt gestuurd. En bedankt dat je mijn verhalen leest. Niet alleen die van mij. Help ons zodat we door kunnen blijven gaan met het delen van onze verhalen.

Rumana

31 december 2009

Ik woon in deze stad. Plezier en geluk, verdriet en ongeluk, het is allemaal een belangrijk onderdeel van mijn leven. Mijn wereld bestaat uit mijn dochter en de kledingfabriek waar ik werk. Tijdens de vorige feestdagen is mijn dochter naar een nationale dierentuin geweest. Deze keer kon ik haar niet meenemen naar de speeltuin. Ik kan de bescheiden dromen van mijn kind niet vervullen. Het maakt me altijd verdrietig.

Ik maak me zorgen over mijn dochters toekomst. Hoe kan ik haar een opleiding geven? Ik weet niet hoe lang ik nog in staat ben haar schooluitgaven te betalen. Haar opvoeding en toekomst hangen af van mijn arbeid. Vorige maand moest ik overwerken, gewoon om haar schoolgeld te kunnen betalen. Ik ben blij dat het gelukt is.

Ons leven zelf is een Korbani, een offer. Ik offer mijn leven voor mijn dochter. Of mijn leven succesvol is, hangt af van haar succes op school, om mijn droom van haar een dokter te maken te vervullen.

24 december 2009

Mijn feestelijke groeten aan al mijn vrienden op mijn vriendenlijst. Ik zou ze willen vragen iets te doen voor de Bengaalse kledingarbeiders. Ik denk dat we veel gepraat hebben, nu is het tijd geworden dat we iets doen.
Schrijft er iemand naar me, zoals die ene persoon die een brief schreef die ik beantwoordde?

Denk je dat mijn vrienden op Facebook, Hyves en Twitter over mijn leven lezen en er over nadenken? Ik weet niet wat ze denken. Ik wil ze graag één ding zeggen: bedankt dat jullie het geduld hebben om naar al mijn treurige verhalen te luisteren.

Hoe lang zal ik mijn levensverhaal moeten vertellen voordat ik verandering zie?

————————
Van de Schone Kleren Campagne:
Wil je iets doen om de situatie van Rumana en haar miljoenen collega-kledingarbeiders te verbeteren? Klik hier. Bedankt – en ook van ons fijne feestdagen en een goed goed 2010.

17 december 2009

In plaats van vreugde, geven alle feestdagen me meer zorgen en problemen. Ik voel me machteloos als ik mijn dochter zie… We moeten altijd extreem veel werken voordat de feestdagen beginnen. Het is zelfs zo dat we het management alleen tevreden stellen als al het werk dat verloren gaat tijdens de feestdagen gecompenseerd wordt in de dagen voorafgaand aan de feestdagen.

We zijn arbeiders. We hebben waardigheid. Veel werkeloze arbeiders in veel delen van het land gaan dood van de honger, zelfs tijdens deze feestdagen. We willen niet bedelen. Ik ga nooit in de rij staan om vlees te krijgen. Als er veel vlees is, eten we maar een beetje. Een paar buren brachten ons een portie. Ik heb het klaargemaakt voor mijn dochter.

De feestdagen brengen geen plezier, maar ellende. Mijn dochter kijkt naar mijn vermoeide gezicht. Ze begrijpt dat ik erg arm ben. Ik kijk naar haar bleke gezicht…

11 december 2009

Wat kan ik zeggen? De feestdagen zijn niet voor ons bestemd. Korbani, het Offerfeest, heeft me nooit plezier gebracht. Alle feestdagen zijn duur voor ons.

De kleren die we dragen zijn zo goedkoop. Voordat het festival begint, maken we jurken voor onszelf. Dit zijn echt hele gewone jurken. Op de feestdag zelf zijn we de hele dag thuisgebleven. Mijn dochter wil het bloedvergieten op straat van het slachten van de offerdieren niet zien. Ze heeft nog nooit een echt feestelijk Offerfeest meegemaakt.

Vertel me: wat wil je nog meer weten over mijn leven? Ik zal alles vertellen als het de arbeiders helpt!

Samenvatting 16 oktober – 8 december

Van de Schone Kleren Campagne:
Sinds Rumana’s digitale dagboek is begonnen is er al heel wat gebeurd. Voor iedereen die nieuw is op dit blog of nog eens wil nalezen wat Rumana de laatste twee maanden allemaal heeft beleefd: hieronder een samenvatting (van de eerdere maanden van haar blog is ook een overzicht – van 2 september tot en met 15 oktober).

Ik ga meestal met de bus naar mijn werk. Er zijn zoveel minder openbare bussen dan er nodig zijn. We stormen naar de bus; we duwen de veiligheidsman opzij. Ik werd een keer bijna gesandwiched tussen twee bussen terwijl ik naar de bus rende. Overeind proberen te blijven in de bus is een verschrikkelijke ervaring.

We werken van acht uur ’s ochtends tot tien uur ’s avonds. Vaak werken we ook op vrijdag (vrijdag is een vrije dag in Bangladesh, red.). Ik weet nooit zeker of ik mijn overuren betaald krijg. De supervisors geven verschillende redenen waarom ze de overuren niet betalen. Een van de redenen die ze geven is het niet halen van targets. Ze zoeken naar en bedenken redenen. Als je een goede relatie hebt met je chef en de supervisor, word je goed behandeld en zullen je overuren netjes uitbetaald worden.

Er is een aanwezigheidsbonus voor als je er altijd bent. Ik krijg deze maand de 350 Tk. (ongeveer 3,50 euro, red.) aanwezigheidsbonus niet betaald omdat ik er een dag niet was. We hebben deze maand ons loon op tijd gekregen, met extra geld dat we verdiend hebben met overwerk. Vorige maand heb ik 152 overuren gemaakt. Ik ben erg blij dat ik ontzettend veel geld heb gekregen. Ik heb drie uur gehuild (van geluk, red.). Ik heb al deze overuren gemaakt, dag en nacht gewerkt, om gewoon de schoolkosten van mijn dochter te kunnen betalen. Ik heb 1250 Tk. (ongeveer 12,50 euro, red.) uitgegeven aan schoolgeld voor mijn dochter.

Als een supervisor zich misdraagt of scheldwoorden gebruikt, moet je eigenlijk niks zeggen, je niet verzetten. Ik verzet me wel tegen de supervisor. Als ik er niks van zeg, heb ik letterlijk het gevoel dat ik gif inslik. De supervisor gaf me laatst een uitbrander. Een paar broeken moesten aangepast worden. Maar het was mijn schuld helemaal niet. De supervisor zei: “Ik schop je eruit. Ik sla je in elkaar.” Ik voelde me verdrietig. Ik praat niet tegen die supervisor.

Als er belangrijke inkopers op bezoek komen, laten ze ons dat twee of drie dagen van tevoren weten en nemen ze allemaal voorzorgsmaatregelen. Diegenen die getraind zijn in brandveiligheid, dragen speciale hesjes. Het is allemaal nep, niet echt, en alleen maar om aan de inkopers te laten zien. De inkoper denkt dat we op de vijfde van de maand betaald worden. Hij denkt dat we na 19.00 uur niet meer werken. Wij vertellen leugens. Soms denken we dat we de inkoper de waarheid moeten vertellen. Het management zegt dat als je de inkopers de waarheid vertelt, de fabriek gesloten zal worden en alle arbeiders hun baan zullen verliezen.

Een vriendin van mij is ontslagen op haar werk. Ze was in elkaar geslagen door haar man. Ze kon niet naar de fabriek komen. Haar man is een slechte vent. Het management van de fabriek zei: “Je spreekt teveel tegen, we hebben je niet langer nodig.”

In oktober was het Suikerfeest. Ik voelde me ontspannen. Ik keek naar films en tv-shows. Mijn buurman, een lieve, oude man, laat me vanuit mijn eigen kamer naar zijn tv kijken. Hoewel ik niet in een feeststemming was, heb ik een feestmaaltijd gekookt voor mijn dochter en mij.

Ik heb geen geld voor Suikerfeest-inkopen. Ik heb een jurk gemaakt voor mijn dochter met de stof die haar school ons heeft geschonken. We maken jurken voor anderen. Onze kinderen hebben zelfs tijdens de feestdagen geen jurk om aan te trekken. Als ik er over nadenk, voel ik me erg slecht.

Ik voel me ontworteld. Tijdens het Suikerfeest heb ik geen zin om naar mijn dorp terug te gaan, zoals de andere arbeiders doen. Mijn moeder en mijn vader zijn dood. Als ik genoeg geld heb, zal ik proberen meer over mijn vader, die mijn moeder en mij verlaten heeft toen ik nog jong was, uit te zoeken.

Ik krijg bijna nooit een kaart of brief. In heel mijn leven heb ik maar één keer wat gekregen. Ik heb niemand die naar me schrijft.

3 december 2009

Als de inkopers komen, zeggen de supervisors niets meer. In de hele fabriek draaien ze muziek – om de inkopers te plezieren. Wanneer er eentje langskomt, mogen we om 13.00 uur gaan lunchen. Normaal begint de lunchtijd om 13.30 uur. Maar alles is voor de inkoper.

Ik denk dat deze inkopers meer betalen. Maar de fabrieksleiding geeft ons niet meer. De inkoper denkt dat we op de vijfde van de maand betaald worden. Hij denkt dat we na 19.00 uur niet meer werken. Wij vertellen leugens. Het management zegt tegen ons dat we tegen de inkopers moeten vertellen dat vrijdag een vrije dag (in Bangladesh is vrijdag de eerste dag van het weekend, red.) is en dat we naar de bioscoop gaan. Soms denken we dat we de inkoper de waarheid moeten vertellen. Soms hoort het management geruchten dat arbeiders de waarheid gaan vertellen. We krijgen te horen dat als je de inkopers de waarheid vertelt, de fabriek gesloten zal worden. Het management zegt dan dat alle arbeiders hun baan zullen verliezen.

26 november 2009

Vandaag is het vrijdag. Ik nam de bus. Er stond een enorme file. Overeind proberen te blijven in de bus is een verschrikkelijke ervaring. Vorige week vrijdag heb ik 13 uur gewerkt (vrijdag is een vrije dag in Bangladesh, red.). Gisteren eisten alle arbeiders dat we vandaag vrij zouden krijgen.

Vandaag heb ik een paar proefontwerpen voor de inkopers in elkaar gezet. De supervisor gaf me een uitbrander. Een paar broeken moesten aangepast worden. Maar het was mijn schuld helemaal niet. De supervisor zei: “Ik schop je eruit. Ik sla je in elkaar.” Ik voelde me verdrietig. Ik praat niet tegen die supervisor. Deze week waren we trouwens zo hard aan het werk dat we bijna niet meer merkten wat er om ons heen gebeurde.

Een vriendin van mij is ontslagen op haar werk. Ze was in elkaar geslagen door haar man. Ze kon niet naar de fabriek komen. Haar man is een slechte vent. Het management van de fabriek zei: “Je spreekt teveel tegen, we hebben je niet langer nodig.”

21 november 2009

Deze maand zijn de arbeiders erg blij. Ze hebben hun loon op tijd gekregen, met extra geld dat ze verdiend hebben met overwerk. Ik werk elke dag. Vorige maand heb ik 152 overuren gemaakt. Ik ben erg blij dat ik ontzettend veel geld heb gekregen. Ik heb drie uur gehuild (van geluk, red.). Ik heb al deze overuren gemaakt om gewoon de schoolkosten van mijn dochter te kunnen betalen. Ik heb 1250 Tk. (ongeveer 12,50 euro, red.) uitgegeven aan schoolgeld voor mijn dochter.

Het Offerfeest begint bijna. Ik heb een jurk voor mijn dochter besteld. Hij kost 160 Tk. Voor mezelf heb ik een jurk gemaakt. Hij kost 328 Tk. Op een normale dag draag ik een Salwar Kameez, een traditionele Bengaalse jurk. Ik koop de stof, de kleermaker zet hem in elkaar.

17 november 2009

Er is een aanwezigheidsbonus voor als je er altijd bent. Ik krijg de 350 taka (ongeveer 3,50 euro, red.) aanwezigheidsbonus niet betaald omdat ik er een dag niet was. Ik zal vragen of de dag die ik gemist heb als vakantie gerekend kan worden. Ik heb dag en nacht gewerkt, extra overwerk, om de schoolkosten van mijn dochter te kunnen betalen. Ik zal ook boeken voor haar moeten kopen. Ze zullen 500-600 taka kosten.

Deze maand verwachtte ik 6000 taka. Maar ik krijg misschien iets van 5000 taka. Wanneer ik mijn loon krijg, zal ik 1250 taka uit moeten geven aan mijn dochters opleiding.

Vandaag zei mijn dochter: “Mamma, kom snel thuis, neem sap voor me mee.” Elke dag vraagt ze om iets. Ik kan me het niet veroorloven iets te kopen. Vandaag wilde ze naar mijn fabriek komen!

11 november 2009

Er wonen ten minste 4000 of 5000 kledingarbeiders in de verschillende wijken van oud-Dhaka. Als je naar Dhaka gaat, zul je duizenden kledingarbeiders zien die naar het busstation toestromen. Er zijn zoveel minder openbare bussen dan er nodig zijn. Van ongeveer half 9 tot 9 uur ’s ochtends bruist de hele buurt van de grote groepen kledingarbeiders. We nemen bijna alle bussen over.

Het duurt een half uur om mijn deel van de stad te bereiken. Ik loop naar het centrale punt waarvandaan ik de bus kan pakken. Ik pak soms de universiteitsbus. Het is erg interessant. De bussen die de studenten van Dhaka College en Dhaka Universiteit vervoeren, nemen ons soms mee op hun tweede of derde ronde, wanneer er minder studenten in de bussen zitten. We betalen ze een heel klein bedrag.

We stormen naar de bus; we duwen de veiligheidsman opzij. Ik werd een keer bijna gesandwiched tussen twee bussen terwijl ik naar de bus rende.

7 november 2009

Ik ben een dag niet naar de fabriek gegaan. Ze berispten me.
Ze vroegen mij daarna weer aan het werk te gaan. Zonder mij liep de hele productielijn vertraging op: mijn vervangster, het meisje dat werkte omdat ik er niet was, kan niet meer dan 40 stuks produceren. De totale target was 80 stuks per uur.

Elke dag werk ik van 8 uur ’s ochtends tot 10 uur ’s avonds. De buitenlandse inkopers komen niet zo vaak, het zijn meestal Bengaalse inkopers die de fabriek bezoeken. Ik hoorde dat er gisteren vertegenwoordigers zijn geweest.
lees meer »

3 november 2009

Mijn dochter ging twee dagen na het Suikerfeest naar de dierentuin van Dhaka. Ik ging niet met haar mee, eén van mijn vrienden nam haar mee.

Ik heb geen geld voor Suikerfeest-inkopen. Ik zal schoenen voor mijn dochter kopen die misschien 150 taka (ongeveer 1,50 euro, red.) kosten. Ik ben van plan om wat heel goedkope make-up te kopen die minder dan 100 taka kost. Ik heb een jurk gemaakt voor mijn dochter met de stof die haar school ons heeft geschonken. Ik heb aan een kleermaker gevraagd een kameez (een traditioneel shirt voor vrouwen) voor haar te maken. Ik moest 70 taka naaikosten betalen.

We maken jurken voor anderen. Onze kinderen hebben zelfs tijdens de feestdagen geen jurk om aan te trekken. Als ik er over nadenk, voel ik me erg slecht.

29 oktober 2009

Op de dag dat de feestdagen begonnen, werkten we een halve dag. Maar na de vakantie moesten we hard werken om de achterstanden die we hadden opgelopen in te halen. We begonnen net als anders om acht uur ’s ochtends en werkten door tot tien uur ’s avonds. Ik heb afgelopen maand 80 uur overgewerkt.

Ik weet niet zeker of ik mijn overuren betaald krijg. De supervisors geven verschillende redenen waarom ze de overuren niet betalen. lees meer »

26 oktober 2009

Ik voel me ontworteld. Tijdens het Suikerfeest heb ik geen zin in om naar mijn dorp terug te gaan, zoals de andere arbeiders doen. Mijn vader zei een keer tegen mij: “We zullen toestaan dat je ons bezoekt, als je weggaat bij je moeder.” Mijn vader heeft ons verlaten en wilde geen enkel contact meer hebben met onze familie. Ik was alleen welkom als ik weg zou gaan bij mijn moeder. Ik heb dit onmenselijke en lompe voorstel afgewezen. Ik hou van mijn moeder.

Als ik genoeg geld heb, zal ik proberen meer over mijn vader uit te zoeken. Soms heb ik medelijden met hem. Ik wil meer over hem weten. lees meer »

21 oktober 2009

Laat me je een geheim vertellen. Dit is een erg interessant verhaal. Een paar jaar geleden was ik nog nieuwsgierig naar alles. Ik krijg bijna nooit een kaart of brief. In heel mijn leven heb ik maar één keer wat gekregen. Ik heb niemand die naar me schrijft.

Het is het verhaal achter een 2-taka biljet. lees meer »

16 oktober 2009

De fabriek ging twee dagen voor het Suikerfeest* dicht. De managers van de fabriek gedragen zich altijd erg goed kort voordat de feestdagen beginnen. We kregen van de fabriek een heel klein beetje extra geld als festivalbonus. Maar het Suikerfeest is geen feest voor ons, wij kunnen geen feestinkopen doen.

De opzichters en managers bieden hun excuses aan en vragen aan de arbeiders vergeving voor als ze ons op welke manier dan ook pijn hebben gedaan. Dit is gek. Net voordat de feestdagen beginnen, worden ze heel aardig. Misschien willen ze geen problemen en proberen ze eventuele lastige situaties te voorkomen. lees meer »

Samenvatting 2 september – 15 oktober

Van de Schone Kleren Campagne:
Sinds Rumana’s digitale dagboek is begonnen is er al heel wat gebeurd. Voor iedereen die nieuw is op dit blog of nog eens wil nalezen wat Rumana tot nu toe allemaal heeft beleefd: hieronder een samenvatting.

Ik sta elke dag op voordat het licht wordt. Er zijn drie WC’s en twee badkamers voor zeventien families. Elke dag begint met gekibbel met de buren over wie zich mag wassen. Bijna elke dag ben ik te laat op mijn werk, omdat ik eerst mijn dochter naar school moet brengen en deze vaak pas laat open gaat. Hierover heb ik steeds weer ruzie met de supervisor.

lees meer »

12 oktober 2009

Vorige maand was ik ziek. Ik had hoge koorts. Ik kocht medicijnen van 88 taka (ongeveer 0,88 euro, red.). Ik werd niet beter. Toen ben ik naar een dokter gegaan. Ik betaalde hem slechts 30 taka. Ik merkte dat hij aardig voor mij was, als kledingarbeider. Hij schreef iets voor. Ik moest medicijnen kopen die 210 taka kostten, erg veel geld voor mij.

Ik ben ook uit de bus gevallen. Of beter gezegd: ik werd op de grond geduwd. Ik vroeg de conducteur de bus te stoppen zodat ik veilig uit kon stappen. De conducteur luisterde niet. Ik had een wond aan mijn knie. Als het kon, zou ik nooit meer met de bus gaan…

9 oktober 2009

We kunnen het ons niet voorstellen elke maand vis, vlees of kip te kunnen kopen. Zelfs als we er wanhopig naar verlangen, kunnen we misschien maar eens per maand de moed opbrengen om een heel klein stukje te kopen, om zo ons verlangen te stillen.

De laatste keer dat ik dat deed, kocht ik 5 kippenpoten. Alleen de poten, niet de dijen. De poten kosten 2 taka per stuk. Niemand eet die, behalve wij. Wij kunnen alleen maar de poten betalen. lees meer »

5 oktober 2009

Ik heb elke dag ruzie met de supervisor. Het klopt dat ik elke dag een uur te laat ben. Ik hou er niet van dat de supervisors me lastigvallen met vragen. Dan zeg ik: “Hé, waarom stel je elke dag weer dezelfde vraag, namelijk waarom ik te laat ben?”

De omstandigheden in de fabriek zijn verschrikkelijk. Er zijn maar 15 WC’s voor 8000 of 9000 arbeiders. Van de WC’s word je misselijk. Soms is er watertekort, en dan zijn de WC’s helemaal walgelijk. Ik probeer ze zo weinig mogelijk te gebruiken.
lees meer »

2 oktober 2009

Weet je, er zijn gsm-cowboys in Bangladesh. Ze bellen de hele tijd, gewoon door willekeurig een paar nummers in te toetsen. Als ze de stem van een meisje horen, blijven ze haar verleidelijk toespreken om zo ‘vrienden’ te worden. Het is een leuk spelletje voor gekken. Vorige maand sprak ik er een paar.
lees meer »

28 september 2009

Ik heb deze maand 3800 taka (ongeveer 38 euro, red.) verdiend, inclusief 43 overuren. Volgens mij zijn de overuren niet goed bijgehouden. Doordat ik  ’s ochtends te laat bij de fabriek kom en de supervisor de overuren niet eerlijk telt, krijg ik elke maand minder loon dan ik zou moeten krijgen. Bijna elke maand leen ik geld van anderen. Het is een vicieuze cirkel. Ik kan er niet uitkomen. Vorige maand moest ik 1000 taka betalen, die ik moest lenen om rond te komen.

Van het loon dat ik kreeg, betaal ik 1400 taka aan huur, en 1000 taka aan het terugbetalen van een lening. Nu is al mijn geld op. Ik weet niet hoe ik rond ga komen.
lees meer »

25 september 2009

Ik sta elke dag op voordat het licht wordt. Dan ga ik naar de badkamer. Er zijn drie WC’s en twee badkamers voor zeventien families. Jezelf wassen is erg lastig.

Elke dag begint met gekibbel met de buren over wie zich mag wassen. Douchen kost zo 20-30 minuten. Ik douche elke twee dagen. Er is ernstig watertekort. Als er water is, sla ik het op om later te kunnen koken en drinken. Daarna ga ik rijst koken. Terwijl de rijst kookt, bid ik. Ik slaap nog eventjes. Om half acht sta ik echt op. lees meer »

22 september 2009

Ik had een mobieltje. Mijn mobieltje is afgepakt door mijn supervisor. Nu heb ik hem niet meer. Ze zeiden dat ze hem over drie maanden zullen teruggeven. Het gebeurde afgelopen zaterdag. Ik heb er een gek gevoel aan overgehouden. Mijn supervisor zei dat het verboden is een mobieltje bij je te hebben op het fabrieksterrein.
lees meer »

19 september 2009

Ik ben geboren in de sloppenwijken van Dhaka. Mijn moeder ontvluchtte de armoede van het platteland toen ze zeven maanden zwanger was, met mij in haar buik. Ze was net verlaten door mijn vader, die ik maar twee keer in mijn leven gezien heb en inmiddels overleden is, en kon nauwelijks aan eten komen. In Dhaka wist ze een baan te vinden in een kledingfabriek.

Toen ik 13 was, kreeg mijn moeder een hartaanval. Vijf jaar geleden overleed ze. Onze familie kreeg het erg zwaar. Om aan eten te komen, besloot ik te stoppen met school en in een kledingfabriek te gaan werken.
lees meer »

14 september 2009

Ik slaap wanneer ik maar kan. Ik ben altijd zo moe omdat ik altijd bezig ben met werken, koken, het huishouden en voor mijn dochter zorgen. Ik moet lange dagen werken omdat ik arm ben. Soms eet ik twee of drie dagen geen echte maaltijd. Slaap is een luxe. Ik ben gek op slapen. Soms slaap ik ook op mijn werkplek. Ik heb niet veel tijd voor mezelf. Een beetje buiten hangen doe ik niet.

Ik hou wel van Hindoestaanse soap en series. Soms kijk ik naar films met Aishwarya Rai (een Indiase Bollywood actrice, red.). Ik ben niet geïnteresseerd in Bengaalse films. Ik weet precies hoe die films aflopen.
lees meer »

9 september 2009

Ik heb te horen gekregen dat ik uit mijn huis gezet zou worden, alleen omdat die man met wie ik een date had gehad binnen was geweest. Wat idioot! Ik baalde er enorm van en had geen geld om een busje of riksha te huren. Toen moest ik dus al onze spullen zelf dragen.

Ik moest dus verhuizen. Daardoor zijn m’n huurkosten nu Tk. 300 hoger. De huur is nu Tk. 1400 (ongeveer 14 euro, red.)! Dit was een zware maand voor me.

Van de Schone Kleren Campagne:
Rumana verdient in de fabriek als basissalaris Tk. 2780 (ongeveer 28 euro). Inclusief overwerk komt ze maandelijks op zo’n 3500-4000 taka (35-40 euro) uit. Om rond te komen zou ze eigenlijk maandelijks 6500 taka (65 euro) moeten verdienen. Lees hier meer over het leven in Bangladesh.

6 september 2009

Wanneer ik een getrouwde vrouw zie met een man die echt van haar houdt, voel ik me erg verdrietig. Mijn man liet me in de steek. Misschien ben ik niet zo mooi of elegant, maar ik weet dat er veel vrouwen zijn die minder knap zijn dan ik en toch een man hebben. Jongens zeggen tegen me: “Je moet trendy zijn, cool.” Ik hou daar niet van. Ik ben blij met wie ik ben.

Ik heb nu een mobieltje! Ik heb altijd gedroomd van een mobiel. Hij is ook handig voor het maken van foto’s voor mijn Sweatsoap. Ik ben blij dat ik nu met meer mensen contact kan hebben.

Een mobiele telefoon is verboden in de fabriek. Als ze hem vinden, pakken ze hem voor straf af en krijg ik hem pas na drie maanden weer terug.
lees meer »

2 september 2009

Mijn dochtertje wil graag speelgoed en andere leuke dingen hebben. Maar als ze van alles aanwijst, dan trek ik haar er vandaan. Ik ben gek op mijn dochter. Ze is zo lief. Maar ik kan haar niet geven wat ze wil. Daar ben ik te arm voor. Mijn dochter wil graag naar het park, maar ik durf haar niet mee te nemen omdat ik bang ben dat ze om eten of iets anders gaat zeuren. En ik kan dat allemaal gewoon niet betalen…

Bijna elke dag ben ik te laat op m’n werk. Het is haast onmogelijk om op tijd te komen. Dat komt doordat ik eerst mijn dochter naar school moet brengen. Maar deze school gaat vaak pas laat open. Deze maand ben ik al drie keer te laat gekomen omdat ik stond te wachten totdat de school eindelijk openging. Voor elke keer dat ik te laat ben, trekken ze geld van m’n loon af.
lees meer »